Kikkerten

Een goede verrekijker kan een geweldig hulpmiddel zijn tijdens uitstapjes. Hiermee kun je dieren observeren alsof je er vlakbij bent, en het maakt het veel gemakkelijker om vogelsoorten te herkennen.

Om het maximale uit een verrekijker te halen, moet echter aan bepaalde eisen worden voldaan. Kies een verrekijker die zowel mechanisch als optisch aan uw behoeften voldoet. De vergroting moet aansluiten bij wat u het vaakst observeert. Het kan ook van belang zijn of de verrekijker licht of zwaar is – of dat deze door een kind of een volwassene wordt gebruikt.

De functies van de verrekijker

Op de behuizing van de meeste verrekijkers staan meestal verschillende getallen gedrukt.

De betekenis van deze cijfers wordt weergegeven in de afbeelding onderaan deze pagina en toegelicht in de tekst hieronder.

Vergroting en objectiefdiameter

Een voorbeeld: Op de verrekijker staat: 8 x 40. Het getal 8 geeft de vergrotingsfactor aan, en het getal 40 geeft de diameter van de lens aan, gemeten in mm. Het objectief is de lens die naar het object is gericht dat je bekijkt.

Gezichtsveld

Een voorbeeld: De verrekijker geeft 123 meter of 8,2° aan. Als het gezichtsveld in meters wordt uitgedrukt, geeft het getal de breedte van het beeld op 1000 m aan. Als het getal in graden wordt uitgedrukt, geeft het het deel van de 360°-horizon weer dat het gezichtsveld bestrijkt. Op 1000 m komt 1° overeen met 17,5 meter, dus een verrekijker met 8,2° op een afstand van 1000 m heeft een gezichtsveld van 143,5 m.

De pupil

De grootte van de uittredepupil bepaalt de helderheid van het beeld dat op de pupil van het oog valt; de diameter van de uittredepupil en die van de pupil van het oog moeten daarom bij voorkeur ongeveer even groot zijn. Bij daglicht vernauwt de pupil van het oog zich, zodat een verrekijker met een uittredepupildiameter van 2-3 mm voldoende is. Bij weinig licht (bijv. schemering) verwijdt de pupil zich om meer licht op te vangen, zodat een grotere uittredepupil (5-7 mm) nodig is om de lichtsterkte van de verrekijker goed te benutten.

Berekend aan de hand van de volgende formule:

Uitgangspupil (in mm) = Lensdiameter (in mm) / Vergroting

Een voorbeeld: bij een 8 x 40-verrekijker is de uittredepupil 40 mm/8 = 5 mm.

Relatieve helderheid

Relatieve lichtsterkte is een wiskundige waarde die aangeeft in hoeverre een verrekijker een onderwerp onder verschillende lichtomstandigheden kan weergeven.

Deze wordt berekend aan de hand van de volgende formule:

Relatieve helderheid = (Lensdiameter (in mm) / Vergroting)²

Een voorbeeld: voor een 8 x 40-verrekijker is de relatieve lichtsterkte (40/8)² = 25

Coating

Al onze verrekijkers zijn gecoat, wat betekent dat de oppervlakken van de lenzen en prisma’s zijn voorzien van een antireflectiecoating die een grote invloed heeft op de prestaties van de verrekijker. Omdat de coating reflecties beperkt en het beeld helderder en scherper maakt, verhoogt de coating de lichttransmissie. De beste coating bestaat uit meerdere lagen antireflectiebehandeling. Dit wordt multicoating genoemd en zorgt voor een duidelijk scherper en contrastrijker beeld dan een enkele coating.

Prisma's

Veel verrekijkers zijn tegenwoordig uitgerust met BaK-4-prisma’s. Deze prisma’s onderscheiden zich door een hogere lichtdoorlatendheid (35-40%), wat zorgt voor extra helderheid. Dit is een groot voordeel bij slechte lichtomstandigheden.